Onderzoek naar taalattitudes (2)

Scriptie voorpagina

Vandaag wordt Dutch++, een online leerplatform met informatie en oefeningen over variatie in het Nederlands, officieel voorgesteld aan het publiek. Een goede reden om daarop te wachten met het tweede deel op mijn blog over onderzoek naar taalattitudes (lees hier deel 1). Het project was de aanleiding voor mijn scriptie, waarmee ik deze zomer eindelijk officieel afstudeerde. Hoera hoera, MA MA!

Welk onderzoek?

In mijn onderzoek vroeg ik Nederlandse sprekers van het Nederlands wat zij vinden van het Nederlands van Surinamers. Daarvoor luisterden de deelnemers naar geluidsfragmenten van spontane gesprekken. De attitudes onderzocht ik op verschillende domeinen:

  1. status (opleiding, rijkdom, macht)
  2. aantrekkelijkheid (humeur, vriendelijkheid, rechtvaardigheid, agressiviteit, betrouwbaarheid)
  3. sociale afstand (als buurman, als collega, als vriend, als zwager)
  4. schoonheid van de taal

De eerste drie domeinen gaan over de spreker zelf, de laatste over de taal van de spreker. Wetenschappelijk onderzoek gaat altijd gepaard met een boel mitsen en maren, dus de volgende conclusies breng ik enkel voorzichtig, als een aanwijzing in een bepaalde richting.

Wat vinden de deelnemers?

  • De status van de spreker wordt neutraal tot laag ingeschat, de aantrekkelijkheid erg positief en naarmate de sociale afstand afneemt, neemt het aantal positieve beoordelingen ook af.
  • De taal wordt met zeer veel positieve woorden beoordeeld. De meerderheid vindt het Nederlands van de Surinaamse sprekers ‘exotisch’, ‘duidelijk’ en ‘plezierig’.

Eén spreker scoorde opvallend positief op alle domeinen: de deelnemers achtten deze spreker zeer hoog opgeleid, rijk en machtig, alles was aantrekkelijk en bijna iedereen wilde haar wel als buurvrouw of schoonzus. Waarom sprong deze jonge vrouw er zo uit? Haar taal. Zij sprak namelijk het meest accentloos Nederlands van allemaal.

Wat betekent dit allemaal?

Onderzoek naar attitudes is complex. Want wat zeggen beoordelingswoorden als ‘mooi’ en ‘exotisch’ nu eigenlijk? Wat ik heb gemeten, is of er positieve attitudes zijn ten opzichte van het Surinaamse Nederlands. Die zijn er. Daarnaast onderzocht ik de positie van het Surinaamse Nederlands in het Nederlandse taalgebied (Nederland, België en Suriname).

Het Surinaamse Nederlands verdient meer erkenning. Waarom? Omdat vooroordelen verminderd worden door kennisoverdracht. Daarom is het project Dutch++ over taalvariatie zo belangrijk: het maakt taalleerders, docenten en moedertaalsprekers bewust van de verscheidenheid van de Nederlandse taal én ze biedt praktische hulpmiddelen om daarmee om te gaan. Daarnaast pleit ik ervoor het Surinaamse Nederlands meer erkenning te geven door het mogelijk te maken deze variëteit te codificeren, bijvoorbeeld door Surinaams Nederlandse woorden op te nemen in het woordenboek en lesmethodes aan te passen aan de Surinaamse taalsituatie. Een Surinaamse basisschoolleerling heeft immers niets met woorden als sneeuw en duinen. En vind je dat te veel gedoe? Het Surinaamse gedoe, dyugudyugu, heeft ook een positieve betekenis, voor op de markt, of op een feestje. Een verrijking van onze taal is het, wat we moeten koesteren voor het Nederlands een eenzaam verwend prinsje in het Koninkrijk der Nederlanden wordt.

Advertenties

Een Reactie op “Onderzoek naar taalattitudes (2)

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s