Treinreizen

foto 2

De trein van Moskou naar Lviv. Een trein die me in 24 uur naar de West-Oekraïense stad brengt, ‘de poort naar Europa’, zoals me verteld is – en een trein die ik bijna gemist had. Na bijna acht maanden in Rusland weet ik dat niets is wat het lijkt; zo is ook mijn treinticket, ondanks handtekening en stempel, nog geen toegangsbewijs. De conductrice ratelt in het Russisch, kijkt me met verschrikte ogen aan: ik moet nog naar de kassa en heb nog maar twintig minunten voordat we vertrekken.

Ik zet het op een rennen en bij de uitgang van de stationshal vraag ik gehaast een jonge knul van de bewaking waar de kassa is. Welke trein ik moet hebben, antwoordt hij bezorgd. Die naar Lwów, roep ik enigszins panisch en in het Russisch uit. Dat haal ik nooit meer, zegt hij nog bezorgder, terwijl hij me de weg wijst. Ik moet om het grote station Kievskaya heen, en nog voorbij de metro. De kortstondige, woeste lente is voorbij en bij tropische temperaturen gutst het zweet over mijn lijf terwijl ik me met mijn bagage en al een weg probeer te banen tussen de reizigers.

Eenmaal binnen zie ik rijen – heel lange rijen. Ik moet er volledig ontredderd uit hebben gezien, want ik word overal voorgelaten. Ik negeer de onvriendelijkheid bij de kassa en in mijn overlevingsmodus schakel ik mijn status van inwoner van Moskou om naar die van domme toerist, die geen Russisch spreekt. Bij de automaat helpt iemand mijn tickets te printen en in een topsprint waag ik me opnieuw naar de trein, waarop ik zelf zo lang gewacht heb, maar die niet op mij wacht.

Ik haal hem op het nippertje – nadat ik in mijn geren aangemoedigd word door de bewaker en andere passanten, die ik met een Russische lompheid zowat omver loop. In de derde wagon stap ik in; ik ben er nog lang niet maar ik rijd, met onder mij het spoor dat het komende etmaal mijn grond zal zijn. Het kost me bijna een half uur voordat ik zo’n achtentwintig wagons door ben en plaats kan nemen in mijn coupé. Ik ben kapot, maar dat geeft niet. Het is me gelukt. Ik mag weer op reis.

foto 1

Ik houd van treinreizen. Vanuit Berlijn nam ik altijd de trein naar Nederland, die me in zeven uur verenigde met familie en vrienden. Je bent er opgesloten, kunt niets anders dan je gedachten de vrije loop te laten, of wat te lezen, dommelen, slapen wellicht, terwijl het landschap aan je voorbij trekt, de tijd stilstaat, en je toch in beweging blijft.

Een week daarvoor nog bracht dezelfde reisduur me van Moskou naar St. Petersburg – en terug. Het echte treinreizen begint in Rusland, en eigenlijk pas vanaf een reistijd van meer dan twintig uur. Een etmaal, werd het.

Ik heb een plaats in een coupé, een kamertje van misschien twee bij anderhalve meter, met twee stapelbedden, een klein tafeltje en een deur, die je afsluit van de gang en de wereld daarachter. Ik vreesde er even voor mijn territorium vierentwintig uur te moeten delen met drie grote, sterke, dronken Russen. Het worden twee kleine, sterke vrouwen en een man.

Direct moet ik toegeven slecht Russisch te spreken, maar dat deert het vriendelijke drietal (een man en een enigszins bejaarde vrouw uit Oekraïne en een Russische vrouw met gouden tanden) niet. Ik word als een verloren dochter – ik zie er tenslotte nog altijd oververhit en ontredderd uit – binnengehaald.

foto 4

In Russische treinen dien je je meteen te installeren, thuis te voelen. Dus de mooie kleding wordt in tassen onder het bed geschoven, joggingpakken en pantoffels aangetrokken, het bed klaargemaakt, eten en drinken op tafel gelegd – dat kort daarna gedeeld zal worden. Zodra iedereen geïnstalleerd is, kan het echte reizen beginnen.

De twee Oekraïense medereizigers spreken Russisch en hoewel ik minder dan de helft versta, blijven ze me geduldig bij het gesprek betrekken. Vragen die ze me stellen moeten veelal herhaald worden en nu en dan zoek ik wat op in mijn woordenboekje. Desondanks blijft het oogcontact en zijn we met z’n vieren voor een etmaal een gemeenschap, een familie.

’s Middags doen we allemaal een dutje – en helpen de oudste van ons vier, een lieve Oekraïense vrouw van half in de zestig, met handen op de billen het bovenste bed in. Later hervatten we ons gesprek en stellen ze vragen over het boek dat ik aan het lezen ben. Aan de hand van de plaatjes vertel ik ze dat het over de joden van Lemberg gaat. Ze vinden het wat raar dat ik daarover in het Nederlands lees, maar ook interessant. Even later roept Sergej, die dan een tijdschrift leest in het bovenbed, uit: ‘Kierstien, Kierstien, de Koning!’ Toevallig staat er een hele reportage in over Koning Willem-Alexander, die nog geen vierentwintig uur geleden ingehuldigd is.

En zo deinen we voort.

Onderweg zie ik bossen, veel berkenbomen en kleine houten huisjes, vaak datsja’s. De trein brengt ons langs kleine dorpjes en steden. Vlakbij de grens houdt de trein halt voor een paspoortcontrole. Onze wagonbewaakster (elke wagon heeft een eigen ‘conductrice’, die zorgt voor koffie, thee, informatie en veiligheid) loopt met de beambte mee. ‘Er is hier een meisje uit Nederland. Ze spreekt slecht Russisch, maar ze begrijpt je wel’, versta ik. Even denk ik dat ze verzucht met haar ogen rolt, maar het is een knipoog. De geüniformeerde man lacht me vriendelijk toe en ik krijg een stempel. We kunnen de grens over.

foto 3

Zodra we weer rijden graait Sergej in zijn tas. Hij straalt en ik versta wat hij zegt, maar voor de zekerheid vertaalt hij deze enige, belangrijke zin in het Engels: ‘One drink.’ Iedereen komt nu in beweging, er wordt in tassen gedoken en we kruipen wat dichter naar elkaar toe, om het tafeltje heen waarop eenieder legt wat hij aan proviand mee heeft: brood, worst, tomaten, augurken en cognac. We hebben niet genoeg glazen, maar het theeglas wordt snel leeggedronken en het plastic bakje waaruit de Russin vanmiddag nog pudding lepelde, doet nu dienst als drinknap. We proosten in drie talen.

Nu wordt het echt gezellig. Van de sterke verhalen (in elke zin komt lacherig drie keer het woord vodka voor) begrijp ik nog niet eens de helft, maar dat mag de pret niet drukken. Later valt de nacht in, en deinend op het ritme van de trein vat ik de slaap – om de volgende morgen te ontwaken in een groene, nieuwe wereld.

Advertenties

5 Reacties op “Treinreizen

  1. Hallo beste Kirsten, wat weer schitterende verhalen! We genieten van al die belevenissen en fijn dat je ons steeds weer deelgenoot maakt. Is veel leuker dan de Margriet of de Libelle……. . Pas goed op jezelf en de hartelijke groeten, liefs van ons Jan en Kobie.

  2. Na een lange dag op school dein ik gelukzalig met je mee tijdens je reis door het Russische land….
    Heerlijk, Kirsten!!
    xxx

  3. God, wat leest dit toch lekker. Ik betrap mezelf erop dat ik steeds denk “als het nog maar niet afgelopen is”…

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s